Doof - speciaalAfasie - speciaalVolksuniversiteit - speciaal?eLearning - speciaal
                                                      Afasie - algemeenUCOAfasie & LezenAfasie & Computers

 

 

 

 

Afasie, communicatie, informatie

 

Deze pagina:

[* ]Groepen

[* ]Televisie, video

[* ]Schrifttaal

[* ]1-1

[* ]Telecommunicatie

[* ]Computers

[* ]Adressen

 

In gesprek met iemand met afasie

Afasie is een taalstoornis, ontstaan door hersenletsel. Dit hersenletsel kan het gevolg zijn van een verstoring van de bloedvoorziening (een 'beroerte' of 'CVA'), een ongeluk of een hersengezwel. Onze hersenen zijn waarschijnlijk onderling net zo verschillend, als onze vingerafdrukken. Onze hersenen zijn ook zeer vergaand gespecialiseerd. Geen enkele onderzoeker heeft nog kunnen aanwijzen waar 'het geheugen' zich in de hersenen van iemand bevindt, of 'de emotie'. Wel is - in grote lijnen - bekend dat een beschadiging in een bepaald hersengebied bij de meeste mensen leidt tot een verstoring of uitval van bepaalde functies. 
Afasie is meestal het gevolg van een beschadiging in de linker hersenhelft. Als gevolg van die beschadiging kunnen ook andere functies van de linker hersenhelft gestoord of uitgevallen zijn. Afasie gaat bijvoorbeeld vaak samen met een verminderd gevoel of zelfs verlamming van de rechter lichaamshelft (hemiparese, hemiplegie). Er kunnen visuele problemen zijn, waardoor alles dat zich in het rechter blikveld van iemand bevindt, niet of niet goed wordt waargenomen (hemianopsie). Er kunnen problemen zijn met het plannen van handelingen of bewegingen (dyspraxie). En er kunnen problemen zijn het met herkennen van dingen, bewegingen, mensen (agnosie).
Als gevolg van de hersenbeschadiging kan er ook sprake zijn van meer algemene problemen: concentratie en geheugen kunnen verminderd zijn, de algehele conditie is misschien slecht. Iemand heeft veel minder energie, en moet daar heel bewust mee omgaan. Een afasie-gehandicapte1 beschreef het als een driedaagse cyclus: één dag functioneert hij redelijk goed, de volgende dag is een diep dal, de derde dag heeft hij nodig om zijn krachten op te bouwen om de volgende dag weer redelijk goed te kunnen functioneren.

1Er is geen goede algemene term om "iemand met afasie" aan te duiden. In de praktijk wordt vaak "afasie-patiënt" gebruikt, maar na de eerste periode is iemand met afasie niet ziek, en dus ook geen "patiënt". "Afaticus" wordt ook wel gebruikt, maar ook deze term roept bij sommigen weerstand op. "Mensen met afasie" of "volwassenen met afasie" zijn correcte termen, maar in zinsverband vaak inefficiënt. In navolging van de term "CVA-gehandicapten" die onder meer gebruikt wordt door de belangenvereniging van CVA-gehandicapten, is hier gekozen voor de term "afasie-gehandicapten".

Hoe een afasie-gehandicapte communiceert, is voor een belangrijk deel afhankelijk van de 'neven-factoren': de aanwezigheid en ernst van eventuele andere stoornissen, het geheugen, de concentratie. Maar ook afgezien daarvan zijn er grote verschillen tussen afasie-gehandicapten. Allereerst omdat hersenen onderling sterk verschillen als gevolg van aanleg en ervaring, en omdat mensen (daardoor?) onderling sterk verschillen in persoonlijkheid, kennis en kunde. Ook als er bij twee mensen sprake zou zijn van een beschadiging van exact hetzelfde hersengebied, dan nog zouden er waarschijnlijk grote verschillen zijn in de gevolgen daarvan voor hun gedrag.
Weinig mensen kunnen zich een voorstelling maken van wat het is om 'afatisch' te zijn. Veel mensen weten niet eens, dat er zoiets als 'afasie' bestaat. Hoe iemand het dan verwerkt wanneer hij/zij getroffen wordt door een stoornis als afasie, is nauwelijks te voorspellen. Dat geldt niet alleen voor de afasie-gehandicapte zelf, maar uiteraard ook voor familieleden en andere direct betrokkenen.

De communicatie-mogelijkheden van een afasie-gehandicapte zijn, behalve van nevenstoornissen en 'persoonlijkheid', tenslotte afhankelijk van de aard en de ernst van de taalstoornis zelf. Bij een lichte afasie kan er sprake zijn van zogenaamde woordvindingsmoeilijkheden. Iemand weet wat hij of zij wil zeggen, maar kan niet snel of helemaal niet op het goede woord komen. Dat overkomt iedereen wel eens, maar zelfs bij een lichte afasie kan dat zo vaak gebeuren dat iemand het zelfvertrouwen verliest of terugschrikt voor een gesprek uit angst dat hij/zij fouten zal maken. De 'reparatie-mogelijkheden' zijn als gevolg van de afasie ook minder: het risico is groot dat iemand bij het zoeken naar een vervangend woord, of bij het formuleren van een omschrijving van het gezochte woord, opnieuw struikelt over de 'ontoegankelijkheid' van de woordenschat. 
Ook de controle over wat er gezegd wordt, kan verminderd zijn. Iemand zegt bijvoorbeeld een woord, dat hij/zij helemaal niet bedoelt. Soms wordt dat wel gemerkt, soms niet. Bij een ernstige afasie kan dit zelfs zo ver gaan, dat de afasie-gehandicapte 'ja' zegt, terwijl hij/zij 'nee' bedoelt en vice versa.
Functiewoorden, verbuigingen en vervoegingen leveren de meeste afasie-gehandicapten problemen op. Lidwoorden bijvoorbeeld, voorzetsels, en voegwoorden zijn grote struikelblokken en worden daarom misschien maar overgeslagen. Iemand spreekt dan in 'telegramstijl', of volstaat bij een ernstige afasie met losse kernwoorden. Bij een zeer ernstige afasie, of wanneer er nevenstoornissen zijn die het spreken bemoeilijken, kan het zijn dat iemand niets meer kan zeggen, of niet meer dan een enkel (nonsens-)woord.

Wanneer de controle over het spreken gestoord is, kan het gebeuren dat iemand soms als een vastgelopen platenspeler blijft 'hangen' op een bepaald woord of een bepaalde uitdrukking (persevereren). Even de aandacht afleiden van het spreken kan soms voldoende zijn, bijvoorbeeld door te vragen of de afasie-gehandicapte kan opschrijven of aanwijzen, wat hij/zij wil zeggen.

De mate waarin het spreken bij iemand met afasie gestoord is, is geen goede indicatie van de mate waarin hij/zij begrijpt wat er gezegd wordt. Er kan sprake zijn van een stoornis waarbij met name het spreken gestoord is, terwijl het begrip (relatief) goed is (motorische afasie of afasie van Broca). Anderzijds kan het zijn dat het spreken niet gestoord is, maar het begrijpen van taal wel. De begripsstoornis kan zo erg zijn, dat de afasie-gehandicapten geen enkele controle meer heeft over wat hij/zij zegt. Hoewel de articulatie goed is (het eigenlijke spreken), lijkt het dan of de woorden die gezegd worden, willekeurig gekozen worden of zelfs nietzeggend zijn (sensorische afasie, of afasie van Wernicke). Wanneer zowel het spreken als het begrijpen van taal ernstig gestoord zijn, spreekt men van een globale afasie. Bij een ernstige globale afasie kan het gebeuren dat iemand iets wil zeggen, maar geen toegang meer heeft tot enige expressievorm. Ook gebaren, tekenen en aanwijzen zijn dan gestoord.

Wanneer er sprake is van afasie, zal er meestal ook sprake zijn van een stoornis of uitval van het lezen en schrijven. Toch wordt schrifttaal veelvuldig gebruikt ter ondersteuning van de communicatie. De afasie-gehandicapte kan misschien één of meerdere letters opschrijven van het woord dat hij/zij niet kan zeggen. De gesprekspartner op zijn/haar beurt doet er altijd goed aan de belangrijkste woorden van een boodschap op te schrijven: ter ondersteuning van de vluchtige gesproken woorden, als geheugensteuntje, en als 'opstapje' voor volgende gesprekken en andere gesprekspartners van de afasie-gehandicapte. 
In de revalidatie leren revalidanten daarom intensief gebruik maken van een agenda of van een communicatie-schrift. Als iemand daar niet zelf in kan schrijven, is het belangrijk dat alle gesprekspartners daarin verslag doen van belangrijke gebeurtenissen en gespreksonderwerpen.

Omdat de gevolgen van afasie zo sterk kunnen verschillen, kunnen eigenlijk alleen heel algemene richtlijnen gegeven worden voor de communicatie met afasie-gehandicapten. In de eerste periode (variërend van maanden tot jaren) nadat de afasie ontstaan is, komt iemand in aanmerking voor logopedie. De logopedist zal een inventarisatie kunnen maken van de resterende communicatieve mogelijkheden en van de effectiviteit van ondersteunende middelen (schrijven, gebaren maken, aanwijzen in een communicatie-boek of ander plaatjes- of symbolen-systeem, electronische communicatie-hulpmiddelen). De logopedist zal de afasie-gehandicapte zelf, de familieleden en andere belanghebbenden (verzorgenden, verpleegkundigen, paramedici, enz.) kunnen informeren, adviseren en indien nodig: trainen in het optimaal gebruiken van resterende of alternatieve communicatievormen.

Algemene richtlijnen:
bullet

Vraag bij een gesprek indien mogelijk aan de afasie-gehandicapte zelf, of en hoe u de communicatie het best kunt aanpassen.

bullet

Benader iedere afasie-gehandicapte als een volwassen en gelijkwaardige gesprekspartner. Afasie is als een scherm, een schild dat het zicht op de persoon daarachter bemoeilijkt of die persoon zelfs helemaal aan het zicht onttrekt. Richt u in een gesprek echter altijd op de persoon achter dat scherm, en probeer samen met hem/haar de gaten in het scherm te vinden waardoor werkelijke contact weer mogelijk wordt.

bullet

Neem de tijd voor een gesprek.

bullet

Informeer u voorafgaand aan een gesprek, zodat u op de hoogte bent van relevante achtergrondinformatie.

bullet

Kies - als dat mogelijk is - een rustige omgeving voor een gesprek, met weinig afleidende prikkels (geen radio of tv op de achtergrond, geen telefoon die kan gaan rinkelen, geen mensen die u kunnen onderbreken).

bullet

Geef - evt door middel van lichaamstaal - aan dat u een gesprek wil beginnen. Zorg dat u op ooghoogte van uw gesprekspartner bent (pak een stoel als de ander in een rolstoel zit), attendeer hem/haar op uw aanwezigheid (noem zijn/haar naam, of tik hem/haar aan), en maak oogcontact.

bullet

Geef duidelijk aan wat het kader is van het gesprek: stel uzelf voor als dat nodig is en schrijf uw naam even op. Leg uit wat uw functie is, en wat de bedoeling is van het gesprek. Noteer ook dit voor uw gesprekspartner.

bullet

Spreek rustig en duidelijk. Bouw uw boodschap op in logische stappen, en begin bij het begin. Wees voorzichtig met voorbeelden en uitweidingen die uw gesprekspartner misschien zullen afleiden van uw werkelijke boodschap. Spring niet van de hak op de tak.

bullet

Ondersteun uw woorden nonverbaal door dingen aan te wijzen, te tonen, eventueel: uit te beelden.

bullet

Wees voortdurend bedacht op misverstanden. Gebruik de nonverbale signalen (oogcontact, lichaamstaal) van de afasie-gehandicapte om te controleren of u nog begrepen wordt.

bullet

Vraag één ding tegelijk, en controleer of u het antwoord van de ander goed begrepen hebt.

bullet

Als de ander weinig of geen mogelijkheden heeft om zich te uiten, schrijf dan enkele antwoordmogelijkheden op. Herhaal de vraag, en lees dan één voor één de antwoordmogelijkheden voor, terwijl u ze aanwijst. Vraag dan of de ander aan kan geven welk antwoord het juiste is.

bullet

Wees eerlijk: doe niet alsof u de ander begrijpt, wanneer dit niet zo is. Doe niet alsof er niets aan de hand is, als de ander u niet of niet goed lijkt te begrijpen. Bagatelliseer de taalproblemen niet, maar laat merken dat deze een gesprek misschien moeilijk, maar niet onmogelijk hoeven maken.

bullet

Help de afasie-gehandicapte bij uitingsproblemen door te vragen naar communicatie-hulpmiddelen: "Heeft u een communicatie-schrift waar het in staat?", "Een agenda?", "Kunt u het opschrijven?".

bullet

Probeer zoveel mogelijk de gedachtegang van uw gesprekspartner te volgen. Als dat niet lukt, structureer dan het gesprek door ja-nee vragen te stellen die de ander kan beantwoorden: "Heeft het te maken met uw familie?", "Zoekt u iets?". " Bent u iets kwijt?".

 

Communicatie in een gezelschap
met een of meer afasie-gehandicapten

bullet

Communicatie met één persoon is voor iemand met afasie al moeilijk; communicatie in een groep is nog veel moeilijker; des te moeilijker, naarmate de groep groter is. Vaak zal iemand met afasie moeten kiezen: of als 'waarnemer' participeren in een groep, of 1-1 communiceren. Bij nonverbale groepsactiviteiten (sport, spel, handvaardigheid, muziek) hoeft afasie geen belemmering te zijn, wanneer de afasie-gehandicapte weet wat er gaat gebeuren en wat er van hem/haar wordt verwacht.

bullet

Bij vergaderingen of lezingen kunnen audiovisuele middelen ingezet worden ten behoeve van groepsleden met afasie. Met goede geluidsversterking kan de storende invloed van achtergrondsgeluiden verminderd worden. Een overhead-projector kan gebruikt worden om agendapunten en kernwoorden af te beelden. Wanneer iemand met afasie nog wél kan lezen, kan een 'note-taker' worden ingezet. Deze kan met een computer de belangrijkste zaken typend samenvatten, terwijl de afasie-gehandicapte meeleest van een monitor. Ook kan een 'type-tolk' worden ingeschakeld, die met aangepaste apparatuur (Velotype) alle gesproken woorden direct en op spreeksnelheid in kan typen (Wissink Audiotolk (typetolk): www.wissink-audiotolk.nl). De afasie-gehandicapte kan het getypte direct meelezen van een computermonitor, en/of na afloop de tekst laten printen zodat hij/zij deze later kan nalezen.

bullet

Wanneer een spreker een microfoon gebruikt, kan het signaal afgetapt worden om gelijktijdig een audio-opname te maken met een cassette-recorder. Men kan de opname na afloop meegeven op een cassettebandje zodat de afasie-gehandicapte deze later nog 'ns kan beluisteren. Sommige afasiegehandicapten hebben bv. een dergelijke afspraak met hun pastoor of dominee, waardoor zij de zondagse preek later thuis nog eens rustig kunnen beluisteren. 

bullet

Wanneer een spreker zijn tekst op papier heeft staan, kan deze vooraf al ter beschikking worden gesteld aan de luisteraar met afasie. Deze kan de tekst gebruiken om zich vooraf voor te bereiden op de lezing; kan de tekst tijdens de lezing gebruiken om 'mee te lezen' met de spreker, en/of kan de tekst na afloop gebruiken als geheugensteun of als 'opstapje' voor een gesprek.

bullet

De taalstoornis wordt over het algemeen ernstiger of meer merkbaar, naarmate een afasie-gehandicapte meer vermoeid en/of gespannen is. Andere groepsleden zullen iemand met afasie in een vergadering of bij een groepsactiviteit rustig de tijd moeten geven, om uit zijn woorden te komen. Hoe langer de afasie-gehandicapte op zijn of haar beurt moet wachten, en hoe ongeduldiger men reageert bij uitingsproblemen, hoe geringer als regel de kans dat iemand er werkelijk in slaagt duidelijk te maken wat hij/zij wilde zeggen. 

 

Telecommunicatie

bullet

Er zijn verschillende 'gewone' telefoon-aanpassingen, die het telefoneren voor afasie-gehandicapten kunnen vereenvoudigen: opslag van veelgebruikte telefoonnummers in het geheugen van de telefoon (de PTT biedt zelfs een toestel aan waarbij de opgeslagen nummers met foto's van personen kunnen worden aangeduid). Ook een 'meeluister' mogelijkheid kan plezierig zijn, omdat de afasie-gehandicapte mee kan luisteren met anderen en/of zich tijdens een eigen gesprek kan laten assisteren door een meeluisterende derde. 

bullet

Een antwoord-apparaat dat alle gesprekken op band opneemt, biedt de mogelijkheid om gesprekken meer dan eens te beluisteren. 

bullet

Er zijn steeds meer communicatie-hulpmiddelen met spraakuitvoer. Na een druk op een knop, hoort men dan een woord of een zin. De meeste van deze apparaten kunnen nu door de gebruiker zelf 'geprogrammeerd' worden. De gebruiker bepaalt zelf, welke woorden en zinnen worden opgeslagen. De gebruiker bepaalt ook zelf, wie deze woorden en zinnen inspreekt. Een familielid kan de woorden dus inspreken, of iemand met een stemgeluid dat overeenkomt met hoe de afasie-gehandicapte wil klinken. Er zijn apparaten met 4 keuze-mogelijkheden (= 4 verschillende boodschappen), maar ook met 64 of meer keuze-mogelijkheden. Een dergelijk apparaat kan voor veel afasie-gehandicapten een hulpmiddel zijn dat hen weer in staat stelt zelfstandig te telefoneren en/of de telefoon te beantwoorden. Deze communicatie-hulpmiddelen worden in Nederland onder meer op de markt gebracht door Kompagne

bullet

Een fax biedt de mogelijkheid om snel over en weer te communiceren door middel van geschreven of getypte briefjes, eventueel ondersteund met tekeningen of symbolen. 

bullet

De beeldtelefoon zal, bij voldoende snelle overzending van beelden, voor veel afasie-gehandicapten de voorkeur hebben boven een gewone telefoon, omdat ook de voor de communicatie belangrijke non-verbale signalen (lichaamstaal, gezichtsuitdrukking, gebaren, enz.) daarmee weergegeven worden. 

bullet

Internet, E-mail en discussie-groepen kunnen voor afasie-gehandicapten die nog (enigszins) kunnen lezen en schrijven, een efficiënte manier zijn om contacten te onderhouden met lotgenoten, met professionele behandelaars (tele-therapie), en natuurlijk zoals iedereen: met de hele wereld. Voor zover bekend worden deze mogelijkheden in Nederland nog niet structureel benut.

 

Televisie, video

Ondertiteling van Nederlandstalige televisie-programma's (teletekst-pagina 888) zal voor de meeste afasie-gehandicapten geen ondersteuning bieden omdat de ondertiteling niet synchroon loopt met de audio-informatie, en omdat als regel niet letterlijk wordt weergegeven wat gezegd wordt. 
Misschien dat sommigen baat hebben bij ondertiteling, wanneer het geluid wordt uitgezet en lezen en luisteren niet interfereren. Als regel wordt de ondertiteling van Nederlandstalige programma's (nog) afgestemd op kijkers met een beperkte leessnelheid en een beperkte taalkennis.

Een video-recorder biedt de mogelijkheid om programma's op te nemen en meermalen - desnoods met assistentie - te bekijken. (NB: ondertiteling die via Teletekst verzonden wordt, wordt niet altijd opgenomen met een 'gewone' videorecorder; men heeft daarvoor soms aangepaste apparatuur nodig.)

Pro-Biblio geeft onder de naam "Op Stap" video-documentaires uit die speciaal gemaakt zijn voor mensen die moeite hebben met het (te) hoge tempo van gewone video-produkties. Deze banden kunnen geleend worden bij veel Openbare Bibliotheken. Voor informatie: Pro-Biblio (Provinciale Bibliotheek Centrale Noord/Zuid Holland), Afd. Educatieve en Groepsgerichte Dienstverlening, tel. 010 - 4279524 / 521 / 520, en op de pagina over Bibliotheken en afasie.

 

Schriftelijke communicatie

Hoewel er bij de meeste afasie-gehandicapten ook sprake is van verstoring of uitval van de verwerking van schrifttaal, blijven lezen en schrijven belangrijk. Hierboven is het belang van lezen/schrijven voor de directe communicatie, communicatie in groepen, en telecommunicatie al genoemd.
Voor het schrijven van teksten voor afasie-gehandicapten kunnen de algemene
"Makkelijk Lezen" richtlijnen gevolgd worden. Op de volgende pagina vindt u meer informatie over de Werkgroep Afasie & Lezen en de mogelijkheden tot recreatief lezen voor afasie-gehandicapten.

 

Computers, terminals

Voor informatie over computerprogramma's voor afasie-revalidanten, zie de pagina Afasie & Computer.
Het gebruik van de muis kan voor afasie-gehandicapten een probleem zijn, omdat als gevolg van de hersenbeschadiging vaak ook de rechterhand-functie is aangetast. Alternatieven voor de muis worden onder meer op de markt gebracht door
Kompagne 

 

Adressen

bullet

Zie AZL voor een brochure met patiënteninformatie over afasie.

bullet

Het adres van de AVN (Afasie Vereniging Nederland, landelijke patiëntenorganisatie) is:
Postbus 221, 6930 AE Westervoort. Tel.: 026 - 351 25 12, fax: 026 - 351 36 13.
De website: www.afasie.nl

bullet

De SAN (Stichting Afasie Nederland, stichting ter stimulering van wetenschappelijk onderzoek met betrekking tot afasie) kan bereikt worden via het adres van de Afasie Vereniging Nederland.

bullet

De Commissie Therapie is een commissie van de SAN. De Commissie Therapie bestaat uit vertegenwoordigers van regionale verenigingen, stichtingen en werkgroepen van logopedisten die met afasie-gehandicapten werken. Ook de Commissie Therapie kan bereikt worden via de AVN.

bullet

In veel plaatsen in Nederland worden afasiesociëteiten georganiseerd. Een overzicht van de contactadressen kunt u opvragen bij de AVN.

bullet

Stichting Afasie Sociëteit Voorne-Putten & Rozenburg  heeft een eigen website, met onder meer foto's van bijeenkomsten en het programma voor de komende periode.

bullet

"Samen Verder" is de landelijke Vereniging voor CVA-gehandicapten en partners. Het adres is:
Postbus 123
3980 CC  Bunnik
Telefoon: 030 - 659 64 01
http://www.cva-samenverder.nl/

bullet

"CVA tot Z" is een tijdschrift dat bestemd is voor CVA-getroffenen en voor allen die betrokken zijn bij de behandeling en begeleiding van CVA-patiënten in de acute fase, de herstelfase, en de chronische fase. CVA- tot Z verschijnt zes keer per jaar en wordt gratis toegezonden aan belanghebbenden.
Het adres:
Medicom Excel
t.a.v. CVA tot Z
Postbus 151
1400 AD Bussum

© Pragma - Hoensbroek, 2002

 

 
 

© Pragma, www.pragmaprojecten.nl